Betrokkenheid van de gemeenten

Gemeenten hebben de zorg voor de openbare ruimte en daarmee een zorgplicht die zich uitstrekt tot de zorg voor de inzameling van huishoudelijk afval en zwerfafval. Het ligt daarom voor de hand dat VNG en gemeenten betrokken zijn bij de opzet en uitvoering van het beleid ten aanzien van o.a. kunststof verpakkingen in deze afvalstromen.

VNG

De VNG houdt zich zowel bestuurlijk als vanuit het beleidsapparaat met verpakkingen bezig. De beleidsafdeling Milieu en Mobiliteit is binnen het beleidsapparaat verantwoordelijk, met relatief veel betrokkenheid van het hoofd van deze afdeling en twee medewerkers, evenals één van de drie directieraadsleden. Ook de Milieucommissie van de VNG heeft de laatste jaren zowel het zwerfafvalbeleid als de ontwikkelingen rond het Verpakkingenbesluit en het komen tot een raamovereenkomst regelmatig op de agenda gehad.

Verpakkingenbeleid

Vijftien jaar ervaring met convenanten over verpakkingen heeft binnen de gemeentelijke kring niet geleid tot een groot vertrouwen in convenanten. Met de invoering van het Verpakkingenbesluit in 2006 werd de VNG echter genoodzaakt om met vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven te onderhandelen over de uitvoering van dat Besluit. Inmiddels is een ruim twee jaar durend onderhandelingsproces afgesloten. Na een VNG-ledenraadpleging is men akkoord gegaan met een raamovereenkomst. In deze raamovereenkomst zijn afspraken vastgelegd over de wijze waarop uitvoering kan worden gegeven aan de producentenverantwoordelijkheid uit het Verpakkingenbesluit in relatie tot gemeentelijke activiteiten in het kader van de zorgplicht. Samen met Nedvang is vervolgens gewerkt aan het in april 2009 opgeleverde uitvoerings- en monitoringsprotocol.

Zwerfafvalbeleid

Ook via het Impulsprogramma Zwerfafval 2007-2009 is de VNG betrokken bij beleid dat is gericht op kunststofverpakkingen. Dit programma heeft 16 miljoen euro per jaar beschikbaar en maakt het voor gemeenten mogelijk subsidie aan te vragen voor de aanpak van zwerfafval.

 

De subsidieregeling bestaat uit drie verschillende subsidieregelingen:

  1. Subsidie voor basisprojecten, waarbij het gaat om het uitvoeren van een nulmeting zwerfafval, het vaststellen van beleid en het opstellen van een plan van aanpak voor de uitvoering.
  2. Subsidie voor plusprojecten. Een plusproject betreft de uitvoering van maatregelen t.a.v. zwerfafval met de voorwaarde dat er een evaluatie plaatsvindt. Een plusproject geeft invulling aan het in een basisproject (of gelijkwaardig) vastgestelde beleid en plan van aanpak.
  3. Subsidie voor proeftuinen.

 

 

Individuele gemeenten

Voor alle gemeenten geldt de gemeentelijke zorgplicht voor afval en de verantwoordelijkheid van de gemeente voor de openbare ruimte.
Voorafgaand aan de invoering van het Verpakkingenbesluit zijn al in een aantal gemeentes initiatieven genomen met de gescheiden inzameling van kunststof verpakkingsafval, soms in samenhang met de invoering van gedifferentieerde tarieven voor de inzameling van huishoudelijke afval (Diftar).
In 2008 hebben zich vervolgens zo’n 50 gemeenten gemeld als ‘koploper-gemeente’ om mee te doen aan een kunststofpilot voor de inzameling van kunststof verpakkingen.
Verwacht mag worden dat de meeste gemeentes in 2010 op de één of andere wijze betrokken zullen zijn bij de gescheiden inzameling van kunststof verpakkingen. Daarnaast heeft een vrij groot aantal gemeentes ervoor gekozen de (na)scheiding over te laten aan de afvalverwerker of om andere redenen niet over te gaan tot deze gescheiden inzameling (Amsterdam en Rotterdam).